Oct 092017
 

Grappig dat het bestellen van wat visitekaartjes mij opeens voor de keuze zet eens écht goed na te denken over wat nu eigenlijk het merk is dat ik van mijzelf naar buiten wil uitdragen.
Want wat is nu precies mijn merk? En hoe vind ik die?

Stel je gaat naar een website om visitekaartjes te bestellen. Dat zou niet zo ingewikkeld moeten zijn, toch? Maar opeens zijn daar drie vragen die je moet beantwoorden. Wat is de naam van je bedrijf? Wat is jouw functie? En wat zijn je voor- en achternaam?
Gelukkig kon ik de laatste vraag nog wel beantwoorden, maar die eerste twee, daar had ik geen idee van.

Daar zit je dan achter de computer en opeens blijkt dat het hebben van een blog over self-pubben niet hetzelfde is als een bedrijfsnaam. En het zegt ook niks over de functie die ik heb binnen mijn eigen schrijfbedrijf. Ben ik de directeur? Zo zie ik mijzelf niet.
Maar hoe zie ik mijzelf dan wel en hoe kan ik zorgen dat anderen dat ook gaan zien?

Wat kan ik?
Het beste is om te beginnen bij wat ik kan. Wat kan ik en hoe help ik daar anderen mee. In mijn geval is dat niet zo moeilijk. Ik weet veel over self-pubben en probeer daar andere schrijvers wegwijs in te maken. Ik blog hier niet alleen over, maar heb ook een boek geschreven over self-pubben dat over drie maanden uitkomt.
Is dat genoeg om te zeggen dat ik een ‘expert’ ben? Kan ik mijzelf zo neerzetten, zonder dat het opschepperig klinkt?

Zelfvertrouwen
Anderen laten weten waar ik allemaal goed in ben is eng om te doen. Want opeens zet ik mezelf op de kaart als iets waarvan ikzelf wel weet dat het waar is, maar gaan al die andere schrijvers en self-pubbers dat ook vinden?
Deze twijfel is niet zozeer een geval van valse schaamte, maar meer een luisteren naar dat stemmetje in je hoofd die soms zegt dat je niet goed genoeg bent. Dat je beter iets anders kan gaan doen, want het wordt toch allemaal niks.

Het is soms moeilijk dat stemmetje uit te zetten, zelfs voor iemand zoals ik die van natuurlijk een glas halfvol mens is en bovendien een goede dosis zelfvertrouwen bezit.

Positiviteit
Misschien is het een idee eens een lijstje te maken met wat ik allemaal wel kan en wat niet. Want als het gedeelte ‘kan ik wel’ langer is als het gedeelte ‘kan ik niet’ dan moet het mogelijk zijn een beeld te krijgen over mijzelf die anderen toch ook zouden moeten zien.
Vooral positief kijken naar wat ik allemaal kan binnen het onderwerp dat ik heb gekozen om uit te bouwen als mijn bedrijf.

Geen negatief gedoe, maar vooral eerlijk opschrijven wat ik al kan en hoe ik anderen daarmee kan helpen. En datgene wat ik misschien nog niet kan, daar kan ik over leren, zodat ik er toch langzaam beter in word.

Creatief denken
Het is natuurlijk leuk een lijst te hebben met wat ik allemaal kan en hoe goed ik ben, maar hoe wordt dat mijn merk? Hoe zet ik dat op mijn nog te bestellen visitekaartjes?

Dit is waar creativiteit de hoek om komt kijken. Want mijn merk uitdragen doe ik in een paar woorden, niet meer dan vier of vijf. Dus als ik kijk naar wat ik allemaal kan in mijn gekozen vakgebied, hoe zet ik dat dan om in een zogenaamde ‘tagline’? Een tagline die ik overal kan gebruiken en niet alleen op mijn visitekaartjes?

Wat is mijn merk?
Na wat positief en creatief denken kom ik erachter dat ik wel degelijk een expert ben! Dus waarom zou ik mijzelf niet zo noemen? Maria Staal – Schrijver en self-publishing expert. Dat klinkt wel goed en bovendien dekt het de lading van wat ik doe.
Dat is mijn merk. Ik bén een schrijver en ik weet heel erg veel van self-pubben. De wereld mag daarvan horen.

Ik kan nu mijn visitekaartjes bestellen. Niet alleen dat. Ik moet ook de header van mijn website aanpassen als ook mijn taglines op Facebook en Linkedin. Werk aan de winkel dus.
En als het mij lukt mijn eigen merk een identiteit te geven, dan gaat het jou zeker ook lukken!

Hoe draag jij je merk uit? Wat is jouw tagline?

Aanverwante blogposts:

***

Illustratie via abonnement op iClipart

Oct 022017
 

Ik weet het. Het uitgeven van je eigen boek is een grote uitdaging, want er komt ontzettend veel op je af. Je loopt de kans te verdwalen in een woud van dingen die allemaal moeten. Want hoe weet je waar je moet beginnen als er zoveel dingen op je lijstje staan?

Stel je wilt je eigen boek uitgeven. Dan kom je meteen al voor wat belangrijke vragen te staan. Ga je het boek uitgeven als paperback of ebook, of misschien allebei? En hoe doe je dat dan? Maar zelfs nog voordat je zover bent om je boek uit te geven rijst de vraag, is mijn boek wel goed genoeg? Kan ik het zo wel uitgeven?

Wat je nodig hebt is een vraagbaak. Een plek waar je heen kunt gaan om duidelijke antwoorden te krijgen op al je self-pubvragen.
Op dit blog dat je nu aan het lezen bent, geef ik al een aantal jaren antwoorden op de meest uiteenlopende self-pubvragen. Nu heb ik over de zomer een boek geschreven over self-pubben in de Lage Landen, dat op 1 december a.s. uitkomt.

Dit boek heet Doe het lekker zelf! Starterskit voor het uitgeven van je eigen boek. En om te vieren dat het over twee maanden uitkomt, heb ik een mini-starterskit samengesteld dat voor iedereen gratis is te downloaden.
De mini-starterskit is alvast een klein voorproefje op het grotere boek en geeft je de kans vandaag nog te beginnen met het vinden van antwoorden op al je self-pubvragen.

De onderwerpen die in de mini-starterskit aan bod komen zijn:

  • Is self-pubben wel iets voor mij?
  • Wat is de indie revolutie en wat betekent dat voor mij?
  • Tien belangrijke regels waar ik rekening mee moet houden bij het uitgeven van mijn eigen boek
  • Hoe geef ik een ebook uit?
  • Hoe geef ik een papieren boek uit?
  • Waar begin ik met promotie en marketing?

Heb je dus vragen, of ben je nieuwsgierig naar het proces van self-pubben, download dan nu de gratis mini-starterskit!

 

 

Wat is jouw grootste uitdaging bij het uitgeven van je eigen boek?

***

Illustratie via abonnement op iClipart

Sep 252017
 

Deze week een blogpost van Eva Kattz, schrijver en schrijfcoach. Zij heeft het over proeflezers. Hoe vindt je die en wat kun je tegenkomen als je met ze in zee gaat?

***

Ik geef het eerlijk toe. Eén van de dingen waar ik absoluut de gierende zenuwen van krijg, is het zoeken naar proeflezers.

Dan heb je eindelijk de eerste versie van je manuscript voltooid en dan moet je op zoek naar mensen die je werk willen lezen. Of erger, bekritiseren. Op dit punt heeft waarschijnlijk nog nooit iemand anders dan jijzelf je dierbare werk gelezen. Het uit handen geven is dus bijna te vergelijken met je kind voor het eerst achterlaten bij de crèche. In de handen van vreemden.

Het is niet alleen moeilijk om proeflezers te vinden, het is nog moeilijker om goede proeflezers te vinden. Een redacteur of een coverartist kun je vaak nog vinden binnen de verschillende beroepsorganisaties en forums voor schrijvers. Er worden mensen aangeraden (of juist het tegenovergestelde) en een goede redacteur zal altijd klaar staan om voorbeelden te laten zien van zijn of haar redactie stijl.

Het feit dat dit betaalde diensten zijn is ook een factor van belang. Je bent eerder geneigd om door te vragen als er geld mee gemoeid is. Bij het zoeken naar proeflezers zijn we dan ook vaak minder kritisch en vooral blij als we in ieder geval IEMAND vinden die bereid is om tijd aan ons te besteden. Het is daarom ook niet zo vreemd dat veel schrijvers op zoek naar proeflezers als eerste naar familie en vrienden kijken. En dat is eigenlijk zo’n beetje de grootste fout die je kunt maken.

Geen familie
Ik hoor mensen nu al grommen. Waarom zou ik mijn bloedeigen zuster niet mogen vragen om mijn boek te lezen? Die heeft tenslotte op school altijd hoge cijfers gehad voor Nederlands, Engels én Frans!

Er zijn twee redenen waarom dit geen goed idee is.

  • Familie en vrienden zullen bijna altijd meer moeite hebben met het bekritiseren van je werk simpelweg omdat ze je niet willen kwetsen.
  • Daarnaast is er een fundamenteel verschil tussen schrijvers en niet-schrijvers. Iemand die ervaring heeft met schrijven zal sneller de zwakke punten in je werk te vinden en ook (heel belangrijk) in staat zijn om aan te geven waarom dit zwakke punten zijn. Daar kun je mee werken.

Medeschrijvers
Het is dus vooral van belang om naar proeflezers te speuren onder medeschrijvers.
Als je lid bent van een schrijvers forum of andere organisatie die schrijvers samenbrengt, dan is dat een goede plek om als eerste naar toe te gaan. Lees berichten van anderen en kijk of vaker naar proeflezers wordt gevraagd. Gooi een balletje op en je krijgt vanzelf reacties.

Genreaffiniteit
Maar dat lost natuurlijk nog niet alle problemen op.
Jouw werk moet namelijk beoordeeld worden door iemand die weet waar je mee bezig bent. Oftewel, iemand die bekend is met jouw specifieke genre en daar ook een affiniteit voor heeft. Vooral omdat dit de eerste keer is dat je manuscript de grote boze buitenwereld betreed, wil je niet iemand treffen die je werk afkraakt omdat ze een hekel hebben aan het genre.

Geef dus duidelijk aan welk genre je gebruikt, bij voorkeur al in je eerste verzoek.

Vooraf informatie geven
Ook is het voor potentiele proeflezers (en vooral voor jezelf) erg prettig als je alvast het aantal woorden vermeld en voor welke periode je proeflezers nodig hebt. Mensen lezen berichten vaak vluchtig. Als ze te weinig informatie krijgen zullen ze daarom ook sneller door scrollen.

Een ellenlang bericht met alle details over het plot en de karakters in je boek zal ook niet het gewenste effect hebben. Houd het simpel maar informatief. Extra informatie kan altijd later nog uitgewisseld worden.

Proeflezer problematiek
Gefeliciteerd! Je hebt een klein groepje medeschrijvers bereid gevonden om jouw manuscript te lezen. Iedereen weet wanneer de deadline is, je hebt je werk verstuurd en vanaf nu is er weinig anders te doen dan wachten.
Het goede nieuws is dat je gedaan hebt wat je kunt. Helaas is er ook slecht nieuws.

Mensen blijven mensen en hoe goed je je ook voorbereid hebt, je loopt het risico dat je met vervelende types te maken krijgt. En dan bedoel ik nog niet de échte criminelen, daar kan ik een aparte blogpost aan wijden, maar eerder degenen die je teleur zullen stellen.

Het overgrote deel van de proeflezers die je in de loop van je carrière zal ontmoeten, hebben de beste bedoelingen. Maar er zullen altijd mensen zijn die je deadline vergeten, die hun beloftes niet nakomen, die achteraf wel héél weinig kennis van zaken blijken te hebben, of die denken dat de mededeling ‘ik vond het niet zo’n leuk verhaal’ volstaat. En natuurlijk heb je ook nog degenen die je werk afkraken uit jaloezie of simpelweg omdat ze het kunnen.

Koesteren
Zoals gezegd zijn er gelukkig nog genoeg uitstekende proeflezers, de mensen die eerlijk en objectief commentaar geven, mogelijk zelfs met verbeterpunten. Die moet je koesteren. Dit zijn mensen die tijd en moeite hebben genomen om jou te helpen, zonder daar iets voor terug te verwachten. Wees niet zuinig met je bedankjes en uit je waardering.

Schrijvers, en vooral degenen die zelf uitgeven, hebben elkaar hard nodig. En als je geluk hebt dan wil de persoon in kwestie in de toekomst vast nog wel een keer voor je proeflezen. Zo kun je in de loop van de tijd een bestand opbouwen van vertrouwde proeflezers en uiteindelijk jezelf een hoop tijd en moeite besparen!

Wat zijn jou ervaringen met proeflezers?

Aanverwante blogposts:

***

Illustraties via abonnement op iClipart

Over Eva Kattz
Eva Kattz schrijft zowel fictie als non-fictieboeken en is een gedreven self-pubber. Zij woont samen met haar man en vier katten in Noord-Nederland. Eva en Maria schreven samen een boek over het plotten van fictie. Dit boek komt in maart 2018 uit.
Eva is momenteel bezig met het schrijven van een Epic Fantasy serie en een serie Ghost Stories. Daarnaast is ze bezig met het opzetten van haar eigen bedrijf als schrijfcoach en redacteur.

Sep 042017
 

Het klinkt wat tegenstrijdig. Jij schrijft een boek in hetzelfde genre als ik en we verkopen deze dus aan dezelfde doelgroep. En toch zijn we geen concurrenten van elkaar.
Maar als je allebei in dezelfde vijver vist, dan zit je elkaar toch in de weg?

Ik heb het meegemaakt op self-pub forums. In de meeste gevallen zijn self-pubbers behulpzaam en helpen elkaar met het uitgeefproces en delen ze marketing strategieën. Soms zit er echter een self-pubber tussen die bang is om te reageren, omdat men niet wil dat hun ideeën ‘worden gestolen’.
En het is zo vreselijk jammer dat men dit denkt, want door juist ideeën te delen, versterk je elkaar.

Regel van de erecode
Niet voor niets is een van de belangrijkste regels van de erecode van de indie revolutie dat we elkaar moeten helpen. En dan maakt het niet uit of je nog maar net begint, of al jaren meedraait als self-pubber.
Als je iemand helpt dan zal deze persoon in de toekomst ook bereidt zijn jou te helpen. ‘Social karma’ heet dat en het is waar de indie revolutie op draait.

Geen concurrenten
Self-pubbers zien elkaar niet als concurrenten, maar als collega’s die samen iets aan het voortbrengen zijn. Niet alleen door elkaar te helpen de beste boeken op de markt te brengen die ze kunnen, maar zelfs als ze in hetzelfde genre schrijven.
Ervaring uit de Engelstalige self-pubwereld leert dat samen reclame maken voor boeken in hetzelfde genre, meer verkopen oplevert voor alle schrijvers die meedoen.

Zoek andere self-pubbers op
Maar om dit voor elkaar te krijgen is het belangrijk eerst een tijdje ‘rond te hangen’ in de self-pubwereld. Dit doe je door lid te worden van een forum of Facebook groep voor self-pubbers. Hier leer je de klappen van de zweep en wordt je door te luisteren naar anderen vanzelf een doorgewinterde self-pubber, die op zijn beurt weer anderen kan helpen.

Deel dus ervaringen en help elkaar met tips over wat werkt en wat niet werkt. Het is onlogisch on alles in je eentje te doen, terwijl er schrijvers genoeg zijn die je maar wat graag op weg willen helpen.
Bovendien kunnen schrijvers die je op deze manier ontmoet, vrienden voor het leven worden, die bereidt zijn voor elkaar op te komen en elkaar bij te staan als het een keertje niet goed lukt met je verkopen. Wees dus bovenal sociaal. Praat en denk mee.

Blijf bijleren
Ga bovendien blogs volgen van invloedrijke self-pubbers, zodat je weet wat er in de uitgeefwereld speelt. Zo kun je leren van nieuwe technieken en strategieën die ontstaan. Daar kun je zelf weer voordeel mee doen, maar ook anderen helpen en de social karma ‘doorgeven’.

Er zit dus een grote kracht in samenwerking! Wij self-pubbers zijn geen concurrenten van elkaar maar collega’s die elkaar steunen en helpen. Samen staan we sterk en hierdoor worden we succesvolle schrijvers en self-pubbers.

Wil je andere self-pubbers ontmoeten, meldt je dan aan bij Hangplek voor Nederlandstalige self-pubbers op Facebook!

Aanverwante blogposts:

***

Illustratie via abonnement op iClipart