Vijf tips voor het schrijven van de perfecte boekopening!

Door schrijfcoach Eva Kattz

Vaak kun je het zelf feilloos beoordelen. Je opent een boek in de boekhandel en in een oogopslag weet je of het je zal aanspreken of niet. Maar hoe zorg je als schrijver dat je lezers jouw boek niet weer neerleggen na het zien van de openingsparagraaf?

De potentiele koper van je boek neemt maar weinig tijd om te oordelen wat het wordt: kopen of weglopen. Vindt ze je cover prachtig? Top! Is de flaptekst boeiend en precies waar je lezer naar op zoek is? Goal!

Het volgende wat ze doet is een fragment lezen en of dat nu in de boekwinkel is of online maakt niet uit. Negen van de tien keer zijn het de eerste paar paragraven die je lezer te zien krijgt.
En laat dat nou dus precies de plek zijn waar je als schrijver alsnog op je neus kunt gaan. Weg super fan. Dag royalty’s.

Om dit te voorkomen moet je dus meer doen dan alleen een goed boek produceren. Wat je nodig hebt is een ‘hook’, oftewel een perfecte opening om je lezer te vangen.
Ook al heb je het meest fantastische, unieke verhaal geschreven dat ooit bedacht is, dan nog kun je niet zonder die perfecte opening.

Maar hoe schrijf je de ‘hook’? Hieronder vijf tips om je op weg te helpen!

1. Begin op een belangrijk punt in je verhaal

Het is o zo verleidelijk om de lezer kennis te laten maken met het hoofdpersonage door middel van een heel verhaal over zijn verleden, familie en karakter. Maar te veel uitleg haalt de vaart er gelijk uit. Hetzelfde geldt voor het beschrijven van de setting en uiterlijk van je personages. Hoe meer uitleg hoe groter de kans dat je boek ongeliefd en onverkocht blijft.

De beste manier om je verhaal te beginnen is op een punt midden in de actie, ook wel ‘medias res’ genoemd. Met ‘actie’ bedoel ik niet dat je verhaal noodzakelijk moet beginnen met een politie achtervolging of een vliegtuigkaping.

‘Actie(f)’ is simpelweg het tegenovergestelde van ‘passief’.

Een actie impliceert dat er een interessante gebeurtenis plaatsvindt en dat je personages actief bezig zijn met bereiken van een doel, ook al is dat nog niet het einddoel van het verhaal. Je wekt de interesse van je lezer en daarmee zijn of haar bereidheid om door te lezen. Hoe langer je wacht met het begin van het ‘echte’ verhaal, de groter de kans dat je lezers kwijtraakt.

Ik kan me voorstellen dat je bang bent om op deze manier je lezer in verwarring te brengen. Maar niets is minder waar. Je lezers zijn intelligente mensen, dus die begrijpen echt wel dat het verderop wél duidelijker zal worden.

Je eerste scene heeft eigenlijk maar een paar dingen nodig: wie (het personage dat spreekt of door wiens ogen de lezer het verhaal ervaart), en waar (de locatie waar je scene zich afspeelt). Beiden kun je redelijk snel schetsen, zonder eindeloze gedetailleerde uitleg. Alle overige informatie die de lezer nodig heeft kan geleidelijk geïntroduceerd worden of op momenten dat de lezer al diep in het verhaal zit. Maar zeker niet in het begin!

Let er echter wel op dat de interessante gebeurtenis die de aandacht van je lezer trekt verbonden is met het plot. Je kunt je verhaal wel beginnen met allerlei spannende acties, maar als diezelfde acties niets met het plot te maken hebben, dan zal je lezer zich alsnog ernstig afvragen wat in hemelsnaam de bedoeling was van de scene.
Echter, de gebeurtenis kan wel het startshot zijn voor alles wat er verder in het verhaal gebeurd.

Onthoud dus: Actie vóór Introductie.

2. Roep vragen op zonder die gelijk te beantwoorden

Lezers zijn geduldiger dan je zou verwachten. Als schrijver wil je de lezer natuurlijk niet te kort doen of verwarren en we zijn daarom geneigd om alles zo snel mogelijk uit te leggen. Dat is een grote fout.

Op het moment dat een lezer aan je boek begint, sluiten jullie een stilzwijgend contract.

Jij vertelt het verhaal en presenteert de vragen die daarbij horen, de lezer vertrouwt erop dat aan het einde van het verhaal haar vragen beantwoord zijn en dat zij het boek tevreden weglegt.
Diezelfde lezer verwacht dus niet dat jij alles uitlegt vóór het einde van hoofdstuk één, zolang je die vragen uiteindelijk maar beantwoord. Geef je lezer de kans om zich te verwonderen.

3.  Daar heb je het weer: Show, Don’t Tell

Een lezer die net je boek open slaat, heeft nog geen band met de personages. Je kunt dus niet verwachten dat ze gelijk sympathie voelt voor de mensen in jouw met zorg gecreëerde wereld. Je eerste taak als schrijver is daarom zorgen dat de lezer betrokken raakt in het verhaal.

Sommige emoties, zoals liefde en angst, zijn universeel en een lezer zal snel sympathie voelen als die emoties verbeeld worden. Op dit punt weet de lezer misschien nog niet eens de namen van de personages in kwestie, maar haar gevoel wordt al wel aangesproken.

Belangrijk daarbij is dat je niet vertelt wat de lezer moet voelen, maar dat je de emotie letterlijk toont door de acties van de personages.

4. Geef je personages een duidelijke doel

Zoals gezegd bij Tip #1, is het van vitaal belang dat personages een doel hebben. Gelijk vanaf de eerste pagina, ook als het doel in kwestie nog niet het einddoel is. Misschien weet je hoofdpersonage nog helemaal niet dat er belangrijke dingen op het spel staan. Dat ze ergens op of stevenen staat echter buiten kijf.

De eerste paar paragraven kunnen een situatie verbeelden die:

  • Later belangrijk wordt in het verhaal. Bijvoorbeeld een fragment uit een latere scene, waar de lezer min of meer naar toe kan lezen, om dan pas te ontdekken hoe scene in het geheel past;
  • Laat zien wat de kern van een karakter is, ook al staat de situatie op zichzelf. Bijvoorbeeld een traumatisch gebeurtenis waar het personage zich later in het boek overheen moet zetten om zijn of haar einddoel te bereiken;
  • Een scene die eerst lost staat van het verhaal maar er later aan verbonden wordt. Bijvoorbeeld vanuit het oogpunt van een dader of slachtoffer van een misdaad.

5. Conflict is onmisbaar!

Het spijt me gigantisch dat ik het moet zeggen, maar gelukkige personages zijn tergend saai. Ze hebben geen doel voor ogen en er is geen conflict dat hen in de verste verte motiveert om interessant te worden.

Kortom: geen conflict geen verhaal.

Voor de duidelijkheid, ‘conflict’ betekent niet dat je personages constant ruzie maken of dat er een hoop geschreeuwd wordt. Het introduceren van conflict betekent dat je personages tegengewerkt worden in het bereiken van hun doel(en). Het moet vanaf het begin van het verhaal duidelijk zijn dat je personages niet achterover kunnen leunen of gezellig thee drinken, en zelfs als ze dat wel doen mag het niet te lang duren.

Dit maakt het voor ons schrijvers soms wel heel erg moeilijk. Tenslotte willen we onze personages, die we met liefde bedacht hebben, eigenlijk geen kwaad doen. We willen ze niet in conflictsituaties brengen. Ze blootstellen aan gevaarlijke, risicovolle, angstaanjagende of verdrietige gebeurtenissen, gaat tegen het gevoel in.

Het is echter noodzakelijk dat we blijven nadenken over hoe we een scene zo interessant mogelijk kunnen maken. Schroom je dus niet om je personages flink door de mangel te halen. Uiteindelijk wordt je verhaal er alleen maar beter op!

Alles bij elkaar, de belangrijke gebeurtenissen, het mysterie, het tonen wat je wil verbeelden, de doelen en het conflict, maken de opening van je verhaal tot perfecte hook, waardoor de lezer het niet meer weg zal kunnen leggen!

Over Eva Kattz

Eva Kattz schrijft zowel fictie als non-fictieboeken en is een gedreven self-pubber. Zij woont in Noord-Nederland, samen met haar man en drie katten. Eva en Maria schreven samen een boek over het plotten van fictie, Fiction Builder!.
Eva is momenteel bezig met het schrijven van een serie in het fantasy/horror genre. Daarnaast is ze bezig met het opzetten van haar eigen bedrijf als schrijfcoach.
Je kunt haar vinden op gbkattz.com.

 

About Maria Staal 208 Articles
Maria is geboren en getogen in Groningen, maar heeft ook veel van de wereld gezien. Ze schrijft detective verhalen onder een pseudoniem, helpt schrijvers hun eigen boeken uit te geven door middel van haar blog, boeken en cursussen, en heeft samen met haar schrijfcoach een succesvolle methode bedacht voor het plotten van verhalen. Houd van ruimtevaart, fietsen en katten.

Be the first to comment

Leave a Reply

Your email address will not be published.


*


This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.